Logo breed NGK Ichthuskerk 2024 - Rotterdam

NGK Rotterdam

18 september 2022 – Lucas 12 – Gezocht: Troonopvolger

Votum & groet  Sela/Votum & groet

Zingen:                Startlied 2022

Zingen:                 Opwekking voor Kids 276/Juich, doe mee allemaal

Gebed

Kindermoment

Bijbellezing:        Lucas 12: 22-34                                             

Zingen:                Opwekking 40/Zoek eerst het koninkrijk van God

Preek                    Lucas 12: 32

Zingen:                 Opwekking 769/Kom, vestig uw gezag

Avondmaal          Gezang 195: 1, 2, 3/Ik ben het levensbrood

Collecte

Zingen:                 Lied 416: 1, 2, 3, 4/Ga met God en Hij zal met je zijn

Zegen

Lucas 12: 32

[1]      Gezocht: een troonopvolger. Toen de oude koningin, koningin Elisabeth, twee week geleden overleed, werd iedereen daar verdrietig van. Want ze was al zolang koningin geweest en juist omdat ze zo oud was en zo kwetsbaar, vond iedereen haar aardig en iedereen gaat haar missen. Maar een paar mensen aan het hof moesten hun verdriet even een beetje wegstoppen, want ze moesten aan het werk. Want zodra de oude koningin is overleden, moeten er afspraken worden gemaakt over wie haar gaat opvolgen. Want de troon mag niet leeg blijven. Gezocht: een troonopvolger. Nu weten we allemaal dat ze al wisten wie de troonopvolger van Elisabeth ging zijn. Dat was haar eigen zoon Charles. De kroonprins wordt de nieuwe koning.

[2]      Gezocht: een troonopvolger. Weet je dat wat er nu in het klein in Engeland gebeurt, ook in het groot op de aarde gebeurd is? Het verhaal is dit: toen God de wereld maakte, was het vanaf het begin duidelijk dat Hij de wereld zag als zijn eigen koninkrijk, of in elk geval: als een deel van zijn eigen koninkrijk. Maar tegelijk vond Hij het een goed idee om over dat deel van zijn koninkrijk een onderkoning aan te stellen. Dat werd Adam, dat werd de mens. En, dat was de bedoeling, dat werd Adams familie. Een hele familie van mensen, die namens God voor de aarde zouden zorgen, voor het land, voor de dieren, voor elkaar. Maar Adam en Eva deden iets wat sindsdien typisch menselijk is: ze duwden God van de troon en eisten zelf de macht. Maar zonder God ga je dood en je macht keert zich zomaar tegen je. Hoe moet dat nu? De troon staat leeg. Dat kan toch niet? [3] Gezocht: een troonopvolger.

            Jullie weten net zo goed als ik dat de Heer Jezus is gekomen om de nieuwe koning van de aarde te zijn. Iedere keer dat je Hem Heer noemt is dat een belijdenis: U bent koning. Mijn punt vandaag is dat, net als bij Adam en Eva, het ook nu de bedoeling is, dat Hij koning wordt mét zijn familie. Een hele familie van nieuwe mensen, die namens God voor de aarde gaan zorgen. En die familie, dat zijn wij. Gezocht: een troonopvolger? Mooi: gevonden! [4] Christus en zijn familie.

            Het gaat in dit startweekend over ‘zoeken’.  Als je ‘zoeken’ googelt in de Bijbel, kom je uit bij de Bergrede, die grondwet van Christus en van zijn koninkrijk. Daar vind je die wereldberoemde tekst: ‘Zoek eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen alle andere dingen je erbij gegeven worden.’ Matteüs 6: 33.  Dat dit fundamentele woorden zijn blijkt wel, als Lucas ze bijna 1 op 1 ook uit de mond van Jezus aanhaalt: ‘Zoek liever zijn koninkrijk, en die andere dingen zullen je erbij gegeven worden.’ Lucas 12: 31. Dus als je iets wilt weten over ‘zoeken’, dan heb je hier woorden van Jezus die daarover gaan. Maar wat me opvalt als ik Lucas lees, is dat hij er de conclusie van Jezus bij geeft: ‘Wees niet bang, kleine kudde, want jullie Vader heeft jullie in zijn goedheid het koninkrijk geschonken.’ Lucas 12: 32. En ik denk: dat is grappig. Ik zoek iets over zoeken, namelijk, dat wij op zoek zijn. En ik vind iets over dat God op zoek is, naar mensen met wie Hij zijn koninkrijk kan delen. En dat God ze kennelijk gevonden heeft, in de leerlingen van Jezus. Gevonden: troonopvolgers. En ik denk: wat als wij, stelletje godzoekers, wat als wij onszelf nu eens zien als mensen, naar wie gezocht wordt? Naar wie God op zoek is? En die Hij, wie weet, al gevonden heeft? [5] Je zoekt, je wordt gezocht, word je gevonden? Wat zegt Lucas hier? Wat bedoelt Jezus?

[6]      ‘Wees niet bang, kleine kudde, want jullie Vader heeft jullie in zijn goedheid het koninkrijk geschonken.’ Lucas 12: 32. ‘Wees niet bang, kleine kudde.’ Wat nou, Lucas, wees niet bang? Weet je dan niet, man, dat het oorlog is in Oost-Europa? Heb je niet gezien hoe duur het wordt om ons huis te verwarmen? Heb je niet gehoord, dat vluchtelingen met honderden per dag bij ons aankloppen om hulp? En dat is onze wereld, maar kijk naar onze kerk. Zie je niet hoe we gehavend uit corona zijn gekomen? Wat nou, Lucas, wees niet bang? Maar het is niet Lucas, die hier aan het woord is, het is koning Jezus zelf. En Hij heeft het tegen mensen, die minstens zoveel reden hadden om bang te zijn als wij. Mensen die met schrik naar Rome keken, dat wrede keizerrijk. Mensen die niet wisten wat ze van hun geestelijke leiders in Jeruzalem konden verwachten. Mensen met niet veel meer dan de kleren die ze droegen en het loon dat ze vandaag hadden verdiend. Maar dat is precies waarom Jezus zegt wat Hij zegt, ‘Wees niet bang.’ En Hij zou het vandaag net zo hard opnieuw zeggen. ‘Wees niet bang.’ Ja, Hij zegt het tegen ons: ‘Wees niet bang, kleine kudde.’

            Het lijkt er sterk op dat wanneer wij denken: dit wordt niks, dit lukt ons nooit, hier zijn we te klein voor, te zwak, te alleen – dat God dan precies het omgekeerde denkt. Alsof God de wereld bekijkt en dan ziet Hij de macht van Rusland en dat Hij dan denkt: Nee, daar kan ik niks mee. En dan ziet Hij het geld van de kapitalistische wereld en dat Hij dan zegt: Laat maar, dat schiet ook niet op. En dat Hij dan ons hier ziet zitten, een gerafeld clubje, of ook een bootje vluchtelingen op de Middellandse Zee of ook een familie van ontsnapte slaven onderweg in een woestijn, en dat Hij net dan opfleurt. Ja, dat kan wel eens wat worden. Want Hij doet het altijd, hè, onze God. Uitkiezen wat een ander zou overslaan. Jij zoekt houvast in een angstige wereld. En dus hemel je bij voorbeeld jouw land op, als was het een afgod, of ga je voor geld en de schijnzekerheid die je daar vindt. God zoekt een plek om zijn troon weer op aarde neer te zetten. En dit is God: Hij zoekt uit wat klein is. ‘Wees niet bang, kleine kudde.’

            Want, zegt Jezus, God is jullie Vader. Ik weet niet wat jij denkt bij ‘Vader’. Ik denk dat Jezus dit denkt: mijn Vader is machtig, zorgzaam, liefdevol. Machtig, zorgzaam, liefdevol. En Hij is niet alleen jouw Vader, maar ook Vader van de wereld, de schepper van alles, de grote koning. Hij is Vader en Hij is Koning. En, zegt Jezus, Ik ben zijn Zoon, en dat maakt dat ook Ik koning ben. En, zegt Jezus, nu wil Hij jullie Vader zijn. En je mag drie keer raden wat er dan gebeurt. Dan wil Hij dat ook jullie koningen zijn en koninginnen, ieder op z’n plek. Dat is wat Hij wil.

            Dat is wat Hij wil, maar Hij wil dat niet zomaar. Hij wil dat graag. ‘Jullie Vader heeft jullie in zijn goedheid het koninkrijk geschonken.’ In zijn goedheid. In de goedheid van zijn hart. Sterker nog: hier vindt Hij goddelijke vreugde in. Goddelijk plezier. Heilige humor, om de macht van alle tegenstand voor gek te zetten. Niet omdat de tegenstand geen macht zou hebben. Integendeel. De duivel is sterk. Egypte is sterk. Rome is sterk. Hebzucht is sterk. Egoïsme is sterk. Allemaal sterk. Maar God geniet er nu eenmaal van om op zoek te gaan en dan te vinden wat maar zwak lijkt. Die Ichthuskerk, zegt God, daar kan ik wat mee. Gevonden! Hier begin Ik vandaag opnieuw mijn koninkrijk.

            En dus. Dus wij zijn op zoek. Op zoek naar… Zekerheid? Veiligheid? Zin? Erkenning? Ik denk dat er in ieder mens een zoeker zit. Ik herken het in elk geval in mezelf. En ik denk ook dat zoeken goed is voor een mens. Dus heb ik zonet ook voor ons gebeden, voor de zoekers die we zijn. Zo brengen we ons zoeken bij God. Maar op dit moment ben ik niet aan het bidden, maar aan het preken. En dus breng ik op dit moment het zoeken van God bij jullie. God bouwt een koninkrijk. De eerste koning die Hij op het oog had, heeft gefaald, Adam I. In Christus vond Hij Adam II en jongens, die heeft niet gefaald. Ja, dat dachten alle tegenstanders: kijk, daar gaat Hij onderuit! Wat een zwakkeling, een koning met een doornenkroon. Maar God vond vreugde, goddelijke vreugde in die tweede Adam, in zijn liefde en trouw tot in de dood. Wat een koning zou dat zijn! Nee, wat een koning is dat!

            Maar deze koning zoekt onderdanen die mee willen doen. Die mee willen regeren. Die ook een kind van de nieuwe Adam willen zijn, nieuwe mensen. De profeten van Israël hadden het er al over gehad, bij voorbeeld de profeet Daniël. Dit is de toekomst die God eeuwen voor Christus al aan Daniël had laten zien: ‘Daarna zullen de heiligsten van de Allerhoogste het koningschap ontvangen en zij zullen het koningschap altijd behouden.’ ’Hun koningschap is een eeuwig koningschap en alle machten zullen hen dienen en gehoorzamen.’ Daniël 7: 18 en 27. Dus gaat Jezus straks tegen het eind van zijn leven dit testament geven: ‘Ik bestem jullie voor het koningschap, zoals de Vader mij voor het koningschap bestemd heeft.’ Lucas 22: 29. Koninkrijk, koningschap, met het één komt het ander. Het koninkrijk is waar God regeert en bij dat regeren schakelt Hij ons opnieuw in. God zocht een troonopvolger. Hij vond Christus. En Christus vond jou. Laat jij je vinden?

            Morgen word je wakker. Ik weet niet wat er allemaal in je agenda staat. Ik weet wel dat je op zoek bent. Op zoek naar waar het nu om gaat in je leven, wie je ten diepste bent. En dus, vraag jezelf morgenochtend eens af: wat voor dag wordt dit? [7] Wordt het een nieuwe dag? Wordt dit een dag, waarop ik dingen stuk maak of waarop ik dingen heel maak? Wordt dit een dag, dat ik Gods wereld een beetje lelijker maak, of laat ik zijn wereld vandaag een beetje mooier achter? Wordt dit een dag, waarop ik mensen te pakken neem, of laat ik ze vandaag iets dichter bij het ideaal uitkomen, dat God van hen heeft? Ik denk dat wij allemaal zoekers zijn. Ik weet niet precies waar jullie allemaal naar op zoek zijn. Ik heb wel begrepen dat God naar jullie op zoek is, en ook naar mij. En ik geloof dat als ik door Hem wordt gevonden, als ik mij door Jezus laat vinden en aanspreken en inschakelen, dat ik daar mijn bestemming vindt.

            Amen.

Scroll naar boven